Trainingsaanpak

Trainingsaanpak

Aangezien we wekelijks 5 tot 7 trainingen aanbieden in clubverband (2/3x zw, 2x fie en 2x lpn), is het voor mensen met een erg druk leven meer dan voldoende om het bij deze 6 trainingen te houden. Mocht je meer tijd ter beschikking hebben of meer energie willen investeren in training maak dan een balans voor jezelf op en train vooral die dingen waarin je nog veel progressie kunt maken. Maak een kosten-baten analyse. Soms moet je zeer veel investeren voor slechts een kleine winst. Kies dus verstandig waar je je energie in gaat steken.

Bijtrainen : Doe vooral rustige duurtrainingen die als aanvulling dienen op de reeds bestaande clubtrainingen. Hoe lang die duurtraining moet duren hangt af van je wedstrijddoel. Waak voor overdaad. Je wordt enkel beter als je de training kunt verwerken. Trainingen waar je niet echt beter van wordt zijn onnodige energieverslinders. Denk aan het principe van supercompensatie en het evenwicht tussen belasting/belastbaarheid. Idealiter zwem je 3x, fiets je 2 à 3x en loop je 3x per week. Toppers dienen nog meer te trainen om top te blijven. In de winter kun je deze verdeling een beetje herzien en inzetten op je verbeterpunten.

Het allerbelangrijkste trainingsprincipe om beter te worden = trainingsconsistentie. Door continu te blijven werken bouw je basis. Een sterke basis zorgt voor een leuke triatloncarrière. Blessures of overtraining hypothekeren je consistentie. Dus net die training te veel kan ipv conditiewinst voor veel conditieverlies zorgen.

Blessures zijn geen excuses. Blessures zijn fouten die gemaakt worden. Als de load te groot is voor de draagkracht dan protesteert het lichaam. De twee meest voorkomende fouten in te grote load/belasting zijn enerzijds een te snelle trainingsopbouw of anderzijds een fout gebruik van het lichaam (bv. techniek, houding). Andere oorzaken zijn natuurlijk ook mogelijk, maar deze twee komen het vaakst voor.

In onze trainingen spreken we vaak over trainingszones. Hier een beetje uitleg :

  • Z1 : Herstel = zeer gemakkelijke inspanning, vb : rust tussen 2 intervals in, loslopen
  • Z2 : Duur = gemakkelijke inspanning, praten gaat nog steeds gemakkelijk. Je kunt dit uren volhouden.
  • Z3 : Tempo = medium inspanning, praten gaat nog, maar je moet toch regelmatig naar adem happen. vb : halve triatlon
  • Z4 : Maxlass = inspanningen op niveau anaerobe drempel, praten is moeilijk, ademhaling intens, je kan dit max 40′-1h volhouden. vb : 10km loop, tijdrit 30km
  • Z5 : VO2max = zeer intense inspanningen die je max 5-6′ kunt volhouden, praten is onmogelijk. vb : 1500m looptest
  • Op onze Googlesheet (toegankelijk voor leden) staat nog een artikel met meer uitleg over de hierboven beschreven zones

Zwemmen :

In onze clubtrainingen focussen we vooral op efficiënt leren zwemmen. De trainingsintensiteit varieert doorheen het jaar, maar het hoofddoel is efficiënter leren worden. Als je individueel gaat bijtrainen doe dan vooral aan afstandzwemmen (met oog voor de geleerde efficiëntie).

In de zomerperiode hebben we 3 zwemtrainingen per week, want dan gaan we op vrijdagavond nog open-water-zwemmen in Maastricht.

Fietsen :

Trainingsaccenten op de fiets liggen vooral in het leren rijden in groep, souplesse verhogen, beter leren klimmen (power) en leren intensiteitsblokken inschatten.

Lopen :

De looptraining past zich aan naargelang de periodisering. De trainer communiceert dit regelmatig aan de groep. Ga je individueel bij trainen kies dan voor een korte Z1 training of een Z2 duurtraining met op het einde enkele strides.

Andere training :

Atleten die werk dienen te maken van bvb lenigheid, stabiliteit, krachttraining of coördinatietraining doen dit in overleg met de clubtrainer of op individuele basis.